Arabella Steinbacher & Dvořák

vr 04.12.20 20:00
BOZAR
Tarief los ticket
€ 46, 38, 24, 10

Igor Stravinsky, Wind symphonies

Béla Bartók, Muziek voor strijkers, percussie en celesta, BB 114

Antonin Dvořák, Concerto voor viool en orkest in a, op. 53

Antonin Dvořák, Carnival ouverture, op. 92

Blazers en slagwerk

Dat Stravinsky bij de première van zijn Symfonie voor blazers door het Londense publiek werd uitgelachen, hoeft niet te verbazen. De korte compositie is geen symfonie, zoals de titel misschien laat vermoeden, maar bestaat uit samenklanken (Grieks: ‘symphonia’) die gegenereerd worden door 23 blaasinstrumenten. Een thematisch-motivische of een harmonische ontwikkeling ontbreekt. In de plaats daarvan zorgen drie verschillende tempi, die met elkaar in een 2:3:4-verhouding staan, voor eenheid.

In de jaren 1930 leende Bartók bij een instrumentenfabriek verschillende slagwerkinstrumenten uit en experimenteerde er duchtig op los. Toen de Zwitserse dirigent Paul Sacher hem vroeg een compositie te schrijven voor 30 strijkers en eventueel ook nog piano, klavecimbel of slagwerk, greep Bartók de kans met beide handen aan en componeerde zijn Muziek voor strijkers, percussie en celesta. Voorgeschreven is dat de strijkers zich in twee groepen recht tegenover elkaar links en rechts van het podium bevinden. Het slagwerk, een xylofoon, een harp, een celesta en een piano staan daartussen opgesteld. Bartóks beroemd geworden compositie werd meermaals als filmmuziek gebruikt, onder andere in Being John Malkovich en in Stanley Kubricks The Shining.

Joseph Joachim, de violist aan wie zowel Brahms als Bruch hun vioolconcerti opdroegen, slaagde er ook in om de Tsjechische componist Antonín Dvořák te overtuigen een vioolconcerto te schrijven. Wat opvalt bij Dvořák, is het ontbreken van een virtuoze cadens en een recapitulatie in het eerste deel, alsook de onmiddellijke overgang in het tweede deel (dat zo beroemd is dat het vaak als zelfstandig werk wordt opgevoerd). Het tweede werk van Dvořák dat op het programma staat, Carnival, is een concertouverture die hij componeerde als tweede deel van een ouverture-trilogie rond de thematiek ‘Natuur, Leven en Liefde’. Koperblazers en het slagwerk – in het bijzonder de tamboerijn – spelen in deze compositie een glansrol.

 

Hugh Wolff, dirigent

Arabella Steinbacher, viool

Artiesten

Hugh Wolff

Hugh Wolff is among the leading conductors of his generation.  He has appeared with all the major American orchestras including those of Chicago, New York, Boston, Philadelphia, Los Angeles, S

Arabella Steinbacher

"Balanced lyricism and fire [...]. Among her assets are a finely polished technique and a beautifully varied palette of timbres" (Allan Kozinn/ New York Times)